Waarom vastgoedbelasting?

Tot en met 2010 kenden we in Antilliaans verband ca 20 heffingswetten . In de aanloop naar de nieuwe structuur vond de Nederlandse regering dit collectie aan heffingen te groot voor Caribisch Nederland. Besloten werd een aantal heffingswetten af te schaffen én een aantal te vereenvoudigen.

Afgeschaft zijn per 1 januari 2011:
de winstbelasting;
de successiebelasting
de dividendbelasting
de spaarvermogensheffing
de faciliteitenwetgeving
de zegelbelasting
de omzetbelasting
de belasting op Bedrijfsomzetten
de invoerrechten

Daarnaast heeft men ‘onroerend goed’ als belastbare inkomensbron verwijderd uit de inkomstenbelasting en in een nieuw eigen jasje gestopt: de vastgoedbelasting.

De vastgoedbelasting is eigenlijk alleen maar een nieuwe naam voor een zeer oude soortgelijke heffing: de grondbelasting. Er zijn dus twee soorten heffingen voor onroerend goed; de vastgoedbelasting en de grondbelasting. Deze heeft trouwens in Caribisch Nederland de status gekregen van een eilandelijke heffing en wordt nog alleen op Bonaire geheven. Beide heffingswetten kennen hetzelfde voorwerp van heffing: een onroerende zaak. De belastingplichtige is in beide gevallen de bezitter, en ook de grondslag waarover beide heffingen wordt geheven is ongeveer dezelfde: de waarde in het economisch verkeer. Het verschil zit hem in de tarieven: de grondbelasting bedraagt ca. 0,35% van de waarde, terwijl de vastgoedbelasting 1% van de waarde belast.

Leidt dit nu tot ongewenste situaties van dubbele heffing, dus vastgoedbelasting én grondbelasting tegelijk? Nee. Hoe wordt dubbele heffing dan voorkomen? Doordat de diverse voorwerpen van heffing óf onder de ene óf onder de andere heffing vallen. De grondbelasting en de vastgoedbelasting zijn dus aanvullend op elkaar. Je betaalt of de een òf de ander. Onder de eilandelijke grondbelasting vallen ALLE woonhuizen waarin de eigenaar zelf woont. Is dit niet het geval, bijvoorbeeld omdat de eigenaar zijn woonhuis verhuurt of hij woont in het buitenland, dan wordt vastgoedbelasting geheven. Het onderscheid zit dus in de bestemming oftewel: het gebruik van de onroerende zaak door de eigenaar/natuurlijk persoon. Onroerende zaken die toebehoren aan lichamen vallen dan ook onder de vastgoedbelasting, tenzij het lichaam in Nederland is gevestigd.

NIET onder de vastgoedbelasting vallen verder onroerende zaken die ondernemingsvermogen vormen voor een zelfstandige ondernemer; cultuurgronden (kunuku’s) die bedrijfsmatig worden geëxploiteerd; onroerende zaken van ingezetenen met een waarde lager dan $ 50.000; en onbebouwde terreinen van ingezetenen van Bonaire. Hierover wordt dan grondbelasting geheven.
Tenslotte, het eilandgebied Bonaire en Belastingdienst CN werken momenteel aan het proces om medio 2012 de aanslagen grondbelasting respectievelijk vastgoedbelasting over 2011 te kunnen gaan opleggen.