Gedeputeerde el Hage: “Geen sprake van maatschappelijke onrust”

Gedeputeerde Burney el Hage heeft namens het Bestuurscollege van Bonaire een brief gestuurd naar de media in Nederland. In de brief zegt hij dat er de afgelopen dagen in Nederland veel aandacht is besteed aan de petitie die een kleine groep inwoners van Bonaire aan de gezaghebber heeft aangeboden om hun onvrede over sommige ontwikkelingen op het eiland onder de aandacht te brengen. ,,Het Bestuurscollege van Bonaire juicht het toe dat burgers gebruik maken van hun democratisch recht maar ziet het gelijktijdig als zijn taak er voor te waken dat er een beeld dreigt te ontstaan dat niet representatief is voor Bonaire en haar inwoners,” zegt de gedeputeerde. De gedeputeerde hoopt met zijn toelichting aan de media in Nederland een vollediger inzicht te geven in wat er werkelijk speelt op Bonaire.

Hij benadrukt dat er in het recente verleden, noch op dit moment sprake is van uitingen van maatschappelijke onrust of vormen van protest die ook maar als een begin van enige dreiging voor de openbare orde kunnen worden uitgelegd. ,,Bij de politiek geëngageerden zoals de indieners van de petitie kan het debat er soms levendig aan toe gaan maar de grootste gemene deler in het karakter van de Bonaireanen is al eeuwenlang vredelievendheid,” aldus el Hage.
Hij brengt verder naar voren dat de inwoners van Bonaire in meerdere referenda in overgrote meerderheid en overtuigend hebben gekozen voor een vertrek uit het land Nederlandse Antillen en in plaats daarvan directe banden aan te gaan met het land Nederland, geheel in lijn met de wens om deel uit te blijven maken van het Koninkrijk der Nederlanden. Vanaf 10 oktober 2010 is Bonaire, net als Sint Eustatius en Saba, een openbaar lichaam oftewel een bijzondere gemeente van Nederland. Sindsdien zijn Nederlandse ministers verantwoordelijk voor de uitvoering van Rijkstaken op de genoemde eilanden.

Volgens el Hage waren de verwachtingen bij de bevolking zeer hooggespannen. ,,Na jaren van (bestuurlijke) verwaarlozing zou alles beter worden. Uit de vreugde daarover is onderbelicht gebleven hoe complex de gehele operatie is en dat veel veranderingen omwille van de zorgvuldigheid stap voor stap moeten worden gerealiseerd. Feit is dat er sinds 10 oktober 2010 veel is verbeterd, onder meer op het gebied van volksgezondheid en onderwijs. Kan voor veel andere veranderingen met recht een beroep op het geduld worden gedaan, dat gaat niet voor alles op. Want het is evenzeer een feit dat een aantal zaken die onze burgers en ook het bedrijfsleven rechtstreeks raken niet goed is gegaan,” zegt el Hage.
Gedeputeerde el Hage zegt verder dat het een gedeelde ambitie was om de armoede aan te pakken maar helaas moet er geconstateerd worden dat deze in het afgelopen anderhalf jaar is toegenomen. ,,De dollarisatie en de invoering van een nieuw belastingregime hebben een zware wissel getrokken op de koopkracht.”
El Hage zegt verder dat de taken tussen Eilandbesturen en het Rijk vooraf zijn verdeeld. ,,Naar voorbeeld van het Gemeentefonds krijgen de eilanden vanuit Den Haag een bijdrage om deze taken te financieren. Uit onderzoek van het ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties is gebleken dat deze bijdrage enige tientallen procenten te laag is. Reden waarom wij niet in staat zijn onze zorgplicht jegens de burgers naar behoren uit te voeren. Een bijkomend effect van dit alles is dat het investeringsklimaat voor ondernemers achteruit is gegaan terwijl economische ontwikkeling juist nodig is om de noodzakelijke inhaalslag zo veel mogelijk op eigen kracht te realiseren,” aldus de gedeputeerde.

Volgens el Hage is de grootste vooruitgang misschien wel dat er met de hogere overheid over de problemen van het eiland kan worden gesproken sinds deze niet meer in Willemstad maar in Den Haag zetelt. ,,Waar het naar onze ervaring echter aan schort, is het inschattingsvermogen hoe urgent sommige van deze problemen om een acute en vooral praktische aanpak vragen. Voor ministeries is het uiteraard ook nieuw om rechtstreeks te maken te hebben met de problematiek van een naar Nederlandse maatstaven zeer kleine gemeente en dat ook nog eens op achtduizend kilometer van afstand,” zegt el Hage.

,,Wij kunnen verzekeren dat de overgrote meerderheid van onze bevolking erkent dat er veel verbeterd is en zich er ook van bewust is dat er hard wordt gewerkt om zaken die nog verbetering behoeven aan te pakken. Dat neemt niet weg dat de petitie die aanleiding was voor veel publiciteit in Nederlandse media een signaal is dat wij als Bestuurscollege niet mogen en niet willen negeren.” Volgens El hage is dit de reden waarom het Bestuurscollege de zorgen die de afgelopen maanden al vaker is aangekaart in Den Haag (bijvoorbeeld ten aanzien van de sterk gedaalde koopkracht) nog eens per brief aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zal worden onderstreept.